Message

EU e-Privacy Directive

This website uses cookies to manage authentication, navigation, and other functions. By using our website, you agree that we can place these types of cookies on your device.

View e-Privacy Directive Documents

View GDPR Documents

You have declined cookies. This decision can be reversed.
Vissoorten

Onze Noordzee is rijk aan heel diverse vissoorten. Ze allemaal opnoemen zou onbegonnen werk zijn. Daarom kozen we om de op de Le Jeune meest gevangen vis op te sommen. U zal zien dat makreel en bijvoorbeeld haai niet in dat lijstje thuishoren. Dat komt omdat we niet gericht op deze soorten vissen.

Bot:

Er heerst wat verwarring over hoe men een bot nu eigenlijk echt kan herkennen. Sommigen lijken sterk op pladijs (oranje stippen), maar toch zijn ze het niet. De enige juiste manier om een bot te herkennen is door te kijken naar de kop. Als er een rij duidelijk voelbare knobbeltjes achter de kop en langs de zijlijn zitten, mag je er zeker van zijn dat je een bot hebt gevangen.  De ogen kunnen zowel links als rechts zitten en de kleur varieert naargelang het gebied waar hij gevangen wordt. De bot beschikt immers over zeer goede camouflagetechnieken.

Een bot kan tot 60 centimeter lang worden en een gewicht van zo’n 4 kilogram bereiken. Echter in onze regio varieert de lengte van de gevangen bot in de meeste gevallen tussen 25 centimeter (de minimummaat) en 40 centimeter.

Het record op de Le Jeune bedraagt 39 centimeter (2021).

Bot is een vis die in een school leeft. Het is ook de meest voorkomende platvis in onze regio. Ze leeft het liefst van al in ondiep water. Tijdens de wintermaanden trekt de bot zich terug naar wat dieper water van 20 meter of meer. Daar gaat ze dan paaien. Bot leeft op zowel zandbodem als slik- en kleibodem. Op zee vind je bot meestal terug op ‘vuile grond’.

Bot houdt van wormen, kreeftjes en garnaalachtigen. Voor onze kust is ze heel goed te vangen met leeglopers, tappen en zagers.

Bot is vrijwel het hele jaar door te vangen, maar vooral in het voor- en najaar zijn ze het makkelijkst te verleiden. Dit zijn de perioden waar de bot zich volvreet in het ondiepe kustwater alvorens hij naar diepere visgronden trekt.

 

Kabeljauw (Gul):

Kabeljauw (en dus ook gul) kan je makkelijk herkennen. Deze prachtvis heeft eerder een gladde lichtbruine huid met op beide zijden een witte streep vanaf de kieuw tot aan de staart. De vis heeft als het ware een baard.

Een kabeljauw kan tot 170 centimeter lang worden en 40 kilogram wegen. Voor onze kust zijn deze rovers een flink stuk kleiner en eerder ook een zeldzaamheid geworden. De minimummaat bedraagt 35 centimeter.

Het record op de Le Jeune bedraagt 41 centimeter (2021).

Overdag leeft deze vis in scholen, maar ’s nachts gaan ze alleen op pad om te jagen op vrijwel alles wat eetbaar is. Ze leeft vooral in de buurt van wrakken. Tijdens de wintermaanden komt de kabeljauw voor onze kust. Ze houdt van een zanderige of kleiachtige bodem, het liefst met flink wat stenen.

Kabeljauw wordt veelal met kunstaas gevangen, maar ook de zager, leegloper, tap en mesheft doen het goed.

 

Schar:

De schar is makkelijk te herkennen aan het ontbreken van bobbeltjes achter de kop. Men zegt ook wel dat een schar goed van andere platvis te onderscheiden is doordat ze een wat doorzichtige huid heeft ter hoogte van de ingewanden.

Een schar kan tot 40 centimeter lang worden en een gewicht van 1 kilogram bereiken. In onze regio ligt die lengte tussen 23 centimeter (minimummaat) en 30 centimeter.

Het record op de Le Jeune bedraagt 29 centimeter (2021).

De schar leeft in scholen en houdt ook van iets dieper water. Om deze vis te vangen vis je best tussen een diepte van 3 en 25 meter. Tijdens de koudere maanden trekt ze naar ondiep water met zanderige bodem. Deze delicatesse kan het hele jaar door gevangen worden, maar wanneer de watertemperatuur het vriespunt nadert, trekt ze naar dieper water.

Franse tappen zijn een zeer goede aassoort voor deze rover. En raar maar waar, diepvriestappen doen het beter dan verse.  Maar ook zagers en pieren doen het goed, zelfs als ze al wat stinken.

 

Schol (Pladijs):

Deze vis kan je het best herkennen aan zijn oranje-rode vlekken en zeer gladde huid. Een volwassen pladijs (25 jaar oud) kan tot 95 centimeter groot worden en wel 7 kilogram wegen. In onze regio is een gevangen schol meestal tussen de 27 centimeter (minimummaat) en 40 centimeter groot.

In tegenstelling tot vele andere platvissen migreert de schol niet in scholen. Ze leeft in de kustgebieden tot dieptes van 120 meter en is door overbevissing een zeldzaamheid geworden vlak voor onze kust.

Het record op de Le Jeune bedraagt 29 centimeter (2021).

De vis laat zich het makkelijkst vangen van maart tot mei. Vooral tijdens de schemering en nacht zijn ze op zoek naar eten. Overdag graaft ze zich in op muien tussen zandplaten. Vooral na een flinke storm zijn ze goed te vangen.

Schol houdt het liefst van zagers of zachte krab. Andere aassoorten laat deze verrukkelijke vis liever links liggen.

 

Tong:

Een tong is heel goed te herkennen aan zijn vorm en de ‘draden’ onder de bek. Het is een culinaire lekkernij die vooral in kustwateren voorkomt. Een volwassen tong kan tot 70 centimeter lang worden en 3 kilogram wegen. Bij ons is de gevangen tong meestal tussen de 25 centimeter (minimummaat) en 40 centimeter groot.

Het record op de Le Jeune bedraagt 38 centimeter (2021).

Tong houdt van relatief ondiep water. Een diepte van 4 tot 10 meter is ideaal. Ze houden van troebelheid dus een modderige bodem is favoriet.

Tongvissen gaat het best tussen maart en november, met een piek in augustus en september. Vooral aan het begin en eind van een getij en met niet te hard stromend water is deze lekkernij makkelijk te verschalken. Je vangt ze het best tijdens schemering of bewolkte dagen. Tong eet vrijwel alles, maar dan wel in kleine porties. Tappen en zagers scoren heel goed. Leeglopers wat minder.

 

Wijting:

Deze wat vergeten vis (op culinair vlak) is makkelijk te herkennen aan de gladde huid en spitse bk met scherpe tandjes. Ze heeft een bruine lijn vanaf de kop tot aan de staart.

Een volwassen wijting kan tot 70 centimeter lang worden en 3 kilogram wegen. Bij ons is een gevangen wijting meestal tussen de 27 centimeter (minimummaat) en 45 centimeter groot.

Het record op de Le Jeune bedraagt 41 centimeter (2021).

Wijting is een scholenvis die op zoek gaat naar zand- en slikbodems. Ze houdt van dieptes tussen 8 en 100 meter en houdt van koud water.  De beste vangstperiode is van oktober tot en met december, maar als het water tijdens het voorjaar nog koud genoeg is, kunnen er ook hele scholen voor onze kust zitten.

Wijting eet vrijwel alles, maar tap, zager en leegloper doen het heel goed.

 

Zeebaars:

De te vangen roofvis bij uitstek is de zeebaars. Heel goed herkenbaar aan de harde schubben en stekelige rugvin (die je beter niet met de blote hand vastneemt). Een volwassen zeebaars wordt tot een meter lang en kan tot 9 kilogram wegen. Voor onze kust is de gevangen zeebaars meestal 42 centimeter (minimummaat) tot 85 centimeter groot.

Het record op de Le Jeune bedraagt 72 centimeter (2021).

Zeebaars houdt vooral van rotsachtige bodem, maar ook havenhoofden en strekdammen en wrakken zijn ideaal. Ook voor onze kust laat deze vis zich makkelijk vangen, zelfs op zand- en slikbodem.

De zeebaars is een echte rover en eet zowat alles. Van kleine spiering tot krabbetjes. Maar ook met wormen is deze rover goed te belagen. Zager is favoriet, gevolgd door tap, mesheft en zeepier. Wie gericht op zeebaars wil vissen is best niet te zuinig met het aas.

Zeebaars laat zich het hele jaar door vangen maar de vangsten worden gecontroleerd door de overheid. ZO geldt er momenteel een baglimit van 2 zeebaarzen per persoon en is er jaarlijks een periode (meestal van 1 januari tot 30 juni) waarbij er een catch and release regel geldt. Wie meegaat met de Le Jeune is verplicht zich hieraan te houden. Op die manier dragen we ons steentje bij aan het behoud van deze lekkere vis.